Het Nieuwe Testament verstaan

Toespraak bij de presentatie van de HSV-Studiebijbel op 31 oktober 2014 door Prof. Dr. T.M. Hofman

KORTE LEZING BIJ PRESENTATIE HSV STUDIEBIJBEL

Apeldoorn D.V. 31 oktober 2014 n.m.

‘Hoe de HSV-studiebijbel kan bijdragen aan het verstaan van het Nieuwe Testament’

Graag zou ik daarbij willen focussen op verschillende aspecten die door de Studiebijbel verder belicht en verduidelijkt worden, vanuit en naast de Bijbeltekst.

Hier valt te denken aan terreinen als:

  1. Archeologische kennis;
  2. Sociaal-wetenschappelijke, politieke en culturele kennis;
  3. Taalkundige aspecten
  4. Theologische inzichten, verbanden etc.

De voorbeelden ter verduidelijking zijn gekozen uit het Evangelie naar de beschrijving van Lukas.

 

  1. Archeologische kennis.

Reeds in de eerste hoofdstukken van Lukas is verschillende keren sprake van de tempel te Jeruzalem. Daar verrichtte Zacharias zijn priesterdienst toen hem de geboorte van een zoon werd beloofd. Je kunt bijna zeggen het evangelie naar Lukas begint in de tempel en eindigt daar ook (Luk. 24:53). Wat moet ik me bij die tempel daar en toen voorstellen? De Studiebijbel helpt ons verder:

Heel mooi en inzichtgevend is de illustratie (van de HSV-studiebijbel, p. 1719) bij Lukas 1 Herodes’ tempel in de tijd van Jezus. En als je daar nog eens bij opslaat de illustratie van het gehele tempelcomplex (p. 1724/1725) bij Lukas 2 de geschiedenis van de twaalfjarige Jezus in de tempel dan krijg je een goed beeld van het imposante geheel. De enorme hoogte van het hoofdgebouw dringt dan pas goed tot je door. In die religieuze wereld trad Jezus als twaalfjarige jongen binnen, om te zijn ‘in de dingen van Zijn Vader’. Daar wist Hij Zich thuis.

 

  1. Sociaal-wetenschappelijke, politieke en culturele kennis

Wij zijn maar al te zeer geneigd te lezen vanuit onze sociale, culturele en maatschappelijke context. De tekst van het Nieuwe Testament is bijna twee duizend jaar eerder ontstaan in die context.

Je zou je bij het Bijbel lezen gemakkelijk verslikken in de vele namen van Lukas 3 vers 1. Maar liefst vijf Romeinse autoriteiten worden daar genoemd. Wat moet je daar als lezer mee?

In dat opzicht vervult de Studiebijbel evenzeer een goede functie door enerzijds deze Romeinse overheidspersonen te plaatsen in hun geografische en chronologische context.

Maar de Studiebijbel (p. 1728/1729) doet ook meer en wijst dan in de betreffende noot op het feit dat juist Lukas oog blijkt te hebben voor hun specifieke functieaanduidingen. De auteur wil historisch gezien accuraat te werk gaan en die nauwkeurigheid wordt ook bevestigd door historische bronnen van buiten de Bijbel.

Lukas 3 vers 2 verbindt één en ander met het religieuze leiderschap in Israël van Annas en Kajafas. Daar geeft de toelichting van de Studiebijbel compact relevante informatie en verdere verwijzing. Maar de noot bij Lukas 3 vers 2 laat vooral uitkomen dat dit de tijd is waarin het woord van God geschiedde tot Johannes…

En dan valt in de uitleg niet alleen het accent op het profetisch karakter van de uitdrukking, maar tevens op het verbazingwekkende heilsfeit dat in die tijd, daar en toen God weer sprak tot Zijn volk!

 

  1. Taalkundige aspecten

Lukas 12 de verzen 6 en 7 over de ‘vijf musjes die verkocht worden voor twee penninkjes’ en de haren van het hoofd die geteld zijn, vraagt even onze aandacht. In de toelichting bij deze verzen geeft de HSV studiebijbel (p. 1759) een taalkundige achtergrond waarbij moeilijke(re) uitdrukkingen als een ‘argumentum a fortiori’ (vgl. 11:11-13) niet worden geschuwd. Vervolgens wordt zo’n uitdrukking dan wel helder uitgelegd: ‘… als A (het mindere) waar is, hoeveel te meer dan B (het meerdere). Als God al zorgt voor musjes, hoeveel te meer doet Hij dat voor ieder van Zijn kinderen…’

Er is bewust voor gekozen om op niveau ook taalkundig studiemateriaal aan te reiken. Dat biedt de lezer mogelijkheden voor verdere verdieping in de omgang met de Bijbeltekst.

 

  1. Theologische inzichten

Hier zouden vele voorbeelden te noemen zijn, maar ik beperk me nu tot Lukas 11:1 evv. Waar het gebed door Jezus voor een van Zijn discipelen de aanleiding vormt tot de vraag:

‘Heere, leer ons bidden…’

Dan verwijst de Studiebijbel ons terecht eerst al naar de inleiding, want voor Lukas is het gebed één van de kernthema’s. Tevens is er in de uitleg aandacht voor het karakter en de functie van dit bijzondere christelijke gebed.

Er wordt meer geboden door ook hier uitdrukkelijk inzichtelijk/overzichtelijk te maken hoe frequent Lukas aandacht schenkt aan het gebed door Jezus. De tabel (p. 1755) vervult daarbij een goede functie en biedt meer dan alleen een opsomming.

 

De aandachtige lezer wordt bij deze Studiebijbel opmerkzaam gemaakt op Jezus’ zeer frequente gebedsonderwijs en Zijn aansporing om volhardend te bidden. Daar liggen belangrijke lijnen voor de verbinding tussen het intense gebedsleven van Jezus en Zijn volgelingen als een unieke christelijke gemeenschap van volhardend gebed en voorbede. Ten diepste is dit ook een aansporing aan de huidige lezer en aan de kerk A.D. 2014, waarbij de band met de biddende Heiland essentieel is.

 

Afsluitend en samenvattend:

Een antwoord op de gestelde vraag: Hoe de HSV studiebijbel bij kan dragen aan het verstaan van het Nieuwe Testament?

De aantekeningen, tabellen en illustraties vormen een waardevolle bijdrage om het eeuwenoude Nieuwe Testament dicht bij de lezer te brengen. Het getuigt van wetenschappelijk respect dat deze Studiebijbel de tekst wil beluisteren in de oorspronkelijke context van het begin van onze jaartelling. Er is daarbij aandacht voor de archeologische data en de sociaal-maatschappelijke setting. De genoemde taalkundige en theologische aspecten dragen bij aan een breder en dieper verstaan van het Nieuwe Testament voor de hedendaagse lezer. Zo kunnen ook theologen hun winst doen met deze studieuitgave. Er is voluit oog voor de eenheid en verscheidenheid in het spreken van het Nieuwe Testament.

Moge die eerlijke omgang met de tekst van het Nieuwe Testament vele lezers voor het eerst of opnieuw tot zegen zijn.

31 oktober 2014.

Tmh.