Psalm 149
Het boek Psalmen

HSV

Oproep tot dankzegging

1Halleluja!

Zing voor de HEERE een nieuw lied,

Zijn lof zij in de gemeente van Zijn gunstelingen.

2Laat Israël zich verblijden in Ps. 100:3zijn Maker,

laten de kinderen van Sion zich verheugen over hun Koning.

3Ps. 81:3,4Laten zij Zijn Naam loven in reidans,

voor Hem psalmen zingen met tamboerijn en harp.Het Hebreeuwse “machol” is in de SV meestal met “reien” en alleen hier en in Ps 150:4 met “fluit” vertaald. Er is weinig twijfel dat in het alle gevallen “reidans” moet zijn.

4Want de HEERE is Zijn volk goedgezind,

Hij zal de zachtmoedigen aanzien geven met heil.

5Laten Zijn gunstelingen om die eer opspringen van vreugde,

laten zij vrolijk zingen op hun slaapplaatsen.

6Gods lofzangen klinken uit hun mond,149:6 mond - Letterlijk: keel.

2 Thess. 2:8; Hebr. 4:12; Openb. 1:16een tweesnijdend zwaard is in hun hand,

7om wraak te oefenen over de heidenvolken,

bestraffingen over de natiën,

8om hun koningen Matt. 18:18te binden met ketenen

en hun aanzienlijken met ijzeren boeien,

9om het beschreven recht aan hen te voltrekken.

Deut. 4:6Dát zal de glorie van al Zijn gunstelingen zijn.

Halleluja!

SV

149

Vermaning tot dankzegging

1Hallelujah! Zingt den HEERE een nieuw lied; Zijn lof zij in de Gemeente Zijner gunstgenoten.

2Dat Israël zich verblijde in Ps. 100:3.Dengene, Die hem gemaakt heeft; dat de kinderen Sions zich verheugen over hun Koning.

3Ps. 81:3, 4.Dat zij Zijn Naam loven op de fluit; dat zij Hem psalmzingen op de trommel en harp.

4Want de HEERE heeft een welgevallen aan Zijn volk; Hij zal de zachtmoedigen versieren met heil.

5Dat Zijn gunstgenoten van vreugde opspringen, om die eer; dat zij juichen op hun legers.

6De verheffingen Gods zullen in hun keel zijn; en 2 Thess. 2:8. Hebr. 4:12. Openb. 1:16.een tweesnijdend zwaard in hun hand;

7Om wraak te doen over de heidenen, en bestraffingen over de volken;

8Om hun koningen Matt. 18:18.te binden met ketenen, en hun achtbaren met ijzeren boeien;

9Om het beschreven recht over hen te doen. Deut. 4:6.Dit zal de heerlijkheid van al Zijn gunstgenoten zijn. Hallelujah!