Voer minimaal 2 tekens in.
En Ik, zie, Ik ga een watervloed over de aarde brengen om alle vlees waarin een levensgeest is, van onder de hemel te gronde te richten; alles wat op de aarde is, zal de geest geven.
– Genesis 6:17
De geest ontnomen
De zondvloedgeschiedenis is een doodsverhaal. Waar God aan het begin de adem (ruach, ‘geest’) inblaast, daar zal nu de schepping diezelfde adem uitblazen. De geest, de adem wordt ontnomen als God schoon schip maakt. Sta er eens bij stil! Een enorme straf wordt letterlijk over de aarde uitgestort. Wat ogenschijnlijk klein begon in het paradijs loopt uit op deze catastrofe.
Dat is de verwoesting die de zonde teweegbrengt.
Toch, op die watervloed drijft straks een ark, waarin een venster zit. De doodskist die Noach moet maken heeft een opening naar het leven. Door het water, de chaos, is redding. Straks ligt Mozes ook in een ark (hetzelfde woord als hier in Genesis 6) en wordt hij uit het water gered. Eeuwen later komt er ook een venster in het graf op Pasen. Door de dood is er redding voor wie genade vindt bij God.
‘Alles wat adem heeft love de HEERE.’ (Psalm 146, berijmd)