Daarom schaamt Hij Zich er niet voor hen broeders te noemen, want Hij zegt: Ik zal Uw Naam aan Mijn broeders verkondigen; te midden van de gemeente zal Ik U lofzingen. – Hebreeën 2:11-12
Jezus schaamt Zich niet De schrijver kan er niet over uit dat Jezus koos voor de diepe weg. Hij zette de mensen niet aan de kant, maar bracht hen door Zijn lijden terug bij hun bestemming. Die bestemming was: heersen over het geschapene. Het was Jezus’ diepe wens om God te eren, niet alleen, maar in het midden van de gemeente. Dat ging niet vanzelf; Hij moest de gevallen mens heroveren. Ze waren welbewust overgelopen naar de vijand, de duivel, en nu waren ze gevangen in zijn dienst. Ze leefden heel hun leven in doodsangst. Maar Hij overwon de koning van de dood. De dichter is verwonderd: werkelijk, Hij neemt de engelen niet aan, maar het zaad van Abraham. Hij, de machtige Koning over alles, is voor Zijn kinderen een barmhartig en getrouw Hogepriester. Zijn offer werkt verzoening. Wie zo’n Hogepriester heeft, hoeft niet te vrezen, die zal Hem zelf ook in het midden van de gemeente lofzingen. ‘Christus nam ons vlees aan, opdat wij Zijn geest zouden aannemen.’ (Andrew Gray)