Voer minimaal 2 tekens in.
… de zee werd hoe langer hoe onstuimiger tegen hen.
(…) En de woedende zee kwam tot bedaren.
– Jona 1:13,15
Zelf roeien?
De zee komt pas tot bedaren als het offer van Jona’s leven gebracht is. Het roeien van de mannen, hoe goedbedoeld ook, heeft dus niets uitgewerkt. De zee werd juist al heviger en gevaarlijker.
Nu we gisteren de lijn doortrokken van Jona naar Jezus beseffen we pas welke geestelijke les hierin ligt. Want hoe vaak proberen wij de zee van Gods toorn niet tot bedaren te brengen met eigen roeien? Roeien met de riemen die ík heb.
Maar ik breng mezelf niet veilig aan wal, met geen duizend roeispanen. Met geen duizend goede werken. Om de zee te stillen, moet het offer gebracht worden. En het ís gebracht! Zie, ik breng voor mijn behoud U geen wierook, mirre of goud. Niet het offer dat ik breng, niet de tranen die ik pleng, schoon ik ganse nachten ween, kunnen redden; Gij alleen!
Herkent u de neiging om op eigen kracht de veilige kust te bereiken?