Voer minimaal 2 tekens in.
Wie weet zal God Zich omkeren…
– Jona 3:9
Wie weet …
De Ninevieten bekeren zich, want ‘wie weet zal God Zich omkeren’.
Het klinkt een beetje twijfelachtig: wie weet …? En natuurlijk zit die aarzeling er ook wel in, God is immers niet verplicht Ninevé te sparen, óók niet nu ze zich bekeren en berouw tonen. De HEERE heeft al zoveel geduld met hen gehad, ze zijn allang over alle grenzen van goddeloosheid gegaan. En toch klinkt diep geloof door in deze woorden. Alles wijst op het tegendeel, Gods boodschap was immers dat Ninevé eraan zou gaan. Maar de Ninevieten ondergaan het niet lijdelijk en zeggen niet: het komt zoals het komt. Nee, ze bekeren zich, want wie weet zal God Zich omkeren! Ze geloven dat God niet onbewogen zal blijven als zij zich tot Hem bekeren en Hem om genade smeken. Daarmee slaan deze heidenen de spijker op de kop, want zo is de God van Israël!
‘Wie Hem aanroept in de nood, vindt Zijn gunst oneindig groot.’ (Psalm 86:3 berijmd)