15 augustus 2019

Werkelijk wij zijn schuldig vanwege onze broer.
Genesis 42:21
Wat heb je toch op je geweten !
Daar staan ze met z’n tienen voor de onderkoning. Ze hebben verteld dat de jongste broer thuis is en dat één broer er niet meer is. Jozef de onderkoning beticht hen van spionage, maar ze kunnen bewijzen dat ze niet schuldig zijn door hun jongste broer de volgende keer mee te nemen. Plotseling komt hun voor de geest wat ze hun broer aangegedaan hebben, van wie ze gezegd hebben, dat hij er niet meer is. Hun geweten gaat spreken. De zonde van poging tot moord komt in beeld. Dat kan zomaar gebeuren, als je niet kunt slapen, of als je over een dergelijke poging tot moord leest. Zo is de Heilige Geest bezig om een mens tot zondaar te maken. Wat er gebeurd is, komt hun helder voor de geest. Ze zien opnieuw de angst van Jozef, hun broer. Om het maar zo te zeggen: ze voelen Gods slaande hand. Wat wil God? Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig dat Hij ons de zonden vergeeft. Belijden tegenover God, tegenover Jozef. Wat houdt hen tegen?
Blus de Geest niet uit. (1 Thess. 5:19)