En zij zeiden: Kom, laten wij voor ons een stad bouwen, en een toren waarvan de top in de hemel reikt, en laten we voor ons een naam maken, anders worden wij over heel de aarde verspreid! – Genesis 11:4
Hemelbestormers Het zijn in Babel geen bomen die tot aan de hemel reiken, maar de mens zelf wil opklimmen tot op Gods niveau. De wortel van Genesis 3, je zult als God zijn, vindt hier in hoofdstuk 11 haar wrange vrucht. Een doelloze poging in Babel om God naar de kroon te steken. Terwijl de mens zwoegt om op te klimmen, daalt God af. Met humor geschreven rauwe realiteit. Het lijkt alsof God fluitend naar de aarde gaat, terwijl de mens in het zweet van zijn aanschijn probeert als God te zijn. Het tovert een glimlach rond mijn mond, maar tegelijk zie ik achter deze woorden tal van ontwikkelingen waarin deze gedachte nog steeds tot uiting wordt gebracht. De Bijbel roept op: word geen hemelbestormer van Babel. Eens daalt het nieuwe Jeruzalem, de stad van Gods sjalom, neer op de aarde. Verwacht het elke dag! Wie kent de weg naar de hemel beter dan de God van de hemel?