Voer minimaal 2 tekens in.
HEERE, waarom blijft U van verre staan? Waarom verbergt U Zich in tijden van benauwdheid?
– Psalm 10:1
In tijden van benauwdheid
De dichter stelt een prangende vraag. Het is een vraag aan de HEERE: ‘Waarom laat U de goddeloze zijn gang gaan?’ De HEERE heeft immers het recht lief. Hij heeft Zijn wet aan Israël gegeven.
Maar er zijn goddelozen die met felheid en overmoed de ellendige achtervolgen. De ellendige wordt hier ook aangeduid als onschuldige, arme, wees, of verdrukte. Gods wet beschermt zulke mensen. Maar de goddelozen trekken zich daar niets van aan. Ze doen wat ze willen. Ze maken listige plannen om zichzelf te verrijken. Ze houden geen rekening met God en gebod. Ze denken ongestraft hun gang te kunnen gaan. Met woord en daad plegen ze geweld en bedrog. Ze overvallen en doden onschuldige mensen. Ze zeggen tegen zichzelf dat God het niet ziet. Dat Hij het vergeet. Dat Hij er nooit op terugkomt.
De dichter gelooft wel in God. Hij is rechtvaardig. Waarom laat Hij dit toe?
Vertrouw op God, ook als je Hem niet begrijpt. Stel je vragen maar aan Hem.