Voer minimaal 2 tekens in.
U doet hem heersen over de werken van Uw handen, U hebt alles onder zijn voeten gelegd …
– Psalm 8:7
De wereld van de toekomst
Met vers 5 komen we terecht in de wereld van de toekomst.
Wij hebben hier geen blijvende stad, maar zoeken de toekomstige (Hebr. 13:14). In die toekomstige stad zullen het niet de engelen zijn die leidinggeven. Wie zal wel koning zijn in die stad? In dit gedeelte worden twee antwoorden gegeven: de mens (vss. 6-8) en Jezus (vs. 9). In de eerste wereld was de mens, Adam, met eer en heerlijkheid gekroond en gesteld over de hele schepping. Dat is ook wat David zegt in Psalm 8. De mens was bijna goddelijk gemaakt. Maar hij heeft dodelijk gefaald, omdat hij zelf als God wilde zijn. En daarom zien we nu niet meer en nog niet dat alle dingen aan de mens onderworpen zijn. Wordt dat anders in de toekomende wereld? Ja, want dan zal blijken dat een mens, de mens Jezus, Koning zal zijn met Zijn broeders, het nageslacht van Abraham (vs. 16).
‘De mens verdiende door de overtreding beroofd te worden van alle heerschappij.’ (Johannes Calvijn)