Een identiteitsprobleem Onze dagtekst klinkt heel dramatisch: is dit nu reden voor Jona om suïcidaal te zijn? Wat is er met Jona aan de hand? Jona heeft een identiteitsprobleem. Nu God genade bewijst aan het heidense Ninevé, gaat heel Jona’s wereldbeeld ondersteboven. Hij was een nationalist, hij dacht in ‘wij’ en ‘zij’. Gods volk tegenover de goddelozen, en híj stond natuurlijk aan de goede kant. God met óns. Weet u nog wat Jona antwoordde toen de zeelieden vroegen wie hij was? ‘Ik ben een Hebreeër en ik vrees de HEERE’ (1:9). Let op de volgorde! Eerst zijn volk, dan zijn God. Jona vindt zijn diepste identiteit in volk en land, niet in God. Dat is funest. Dan ben je bang voor anderen: heidenen, buitenlanders, andersgelovigen. In Christus valt echter alles weg: man of vrouw, slaaf of vrije, Jood of Griek (of Nineviet), ‘want allen bent u één in Christus Jezus’ (Gal. 3:28). Kan onze vaderlandsliefde Gods Koninkrijk in de weg staan?