4 december 2019

(…) smeekte degene die bezeten was geweest Hem of hij bij Hem mocht blijven.
Markus 5:18
Mag ik alstublieft mee?
Ga alstublieft weg! En Jezus ging. Mag ik alstublieft met U mee? En Jezus zegt nee. Genoeg stof om over na te denken. Ik begrijp best dat de man met Jezus mee wil. Wat moet hij nog in dat heidense, duivelse land? Door Jezus’ reddende daad is hij zo aan Hem verbonden. Hij heeft alles aan Hem te danken. Nu wil hij voor altijd bij Hem zijn. Vreugde, vrede en rust in Zijn nabijheid. Jezus zegt: Nee. Maar Hij zegt dat niet zonder meer. De man moet apostel onder de heidenen zijn. Verkondiger van Gods daden, getuige van Zijn ontferming. ‘Toen ging hij weg en begon …’ Op Jezus’ bevel is daar een beginnen aan. Je naaste zeggen dat Jezus Christus in de wereld gekomen is om de werken van de duivel te verbreken. De eerste vrucht is verwondering. Dat is al mooi. Wat het vervolg betreft kunnen we terecht in Markus 7 (slot). En daar word ik nu echt stil van!
Wij hebben toch wel wat te vertellen?