Voer minimaal 2 tekens in.
Wanneer u in het derde jaar, het jaar van de tienden, gereed bent met het afstaan van alle tienden van uw opbrengst, dan moet u het geven aan de Leviet, de vreemdeling, de wees en de weduwe, zodat zij binnen uw poorten kunnen eten en verzadigd worden.
– Deuteronomium 26:12
Gaven van barmhartigheid
Dank aan God krijgt concreet vorm. Iedere Israëliet staat tienden af aan Leviet, vreemdeling, wees en weduwe. Deze mensen hebben in het land geen akkergrond en ontvangen hun primaire levensbehoeften van de opbrengsten van het land van anderen. De tienden garanderen eerlijkheid en zijn een vorm van sociale gerechtigheid. De richtlijnen van de tienden zijn de eeuwen door een basis geweest voor diaconaal werk en sociale wetgeving. Als barmhartigheid gaat ontbreken verhardt de samenleving. Je ziet het voor je ogen gebeuren in onze neoliberale wereld, waar het recht van de sterkste en de macht van het geld telt. Deuteronomium roept je op om het leven van Gods genade concreet vorm te geven door te delen van wat je overhebt. Besef dat de rollen omgekeerd kunnen zijn en jij de behoeftige bent. Spreek daarom over anderen die het minder hebben geen harde oordelen uit, maar wees barmhartig.
Wat maakt het offer van de tienden in je los?